Praktisch leren denken

Praktisch leren denken

“The mind can be a brilliant servant, but a terrible master.”

Oud spreekwoord

De illusie van het denken

Zolang er geen bewustzijn is over de eigen gedachten, gedraagt het denken zich als een ‘terrible master’. Stemmen die dicteren wat je goed doet en wat niet, oordelen over jezelf en anderen en alles voorziend van commentaar. Iedereen die hier bewustzijn over heeft, weet hoe ondermijnend dat kan zijn.

Het kan behoorlijk pijnlijk zijn als je er bewust van wordt. Dan kan de wens ontstaan om los te komen van de dwang van al die gedachten. Er komt een moment dat er een ander soort gedachte opkomt die met steeds meer helderheid klinkt: ‘ik wil dit niet.’ Het is een stem die van dieper komt en die de belofte in zich draagt dat er iets anders mogelijk is.

Het opent de ruimte die er is tussen de gedachten en de ‘ik’ die het niet meer zo wil. Wie is die ik? Het kunnen niet de gedachten zelf zijn, om de simpele reden dat die gedachten klaarblijkelijk worden waargenomen. Door wie? Als je stil wordt, de gedachten even met rust laat, ben je in contact met wie je in essentie bent. Jij bent aanwezig voorafgaand, tijdens en na afloop van alle gedachten die maar rondrazen. Ze razen rond in jou.

Wat een bevrijding.

Zodra je het doorziet, neemt de impact van de gedachten al af. Dan ontdek je dat het om niets anders gaat dan bewegingen van het denken, vol gedachten waarvan je meestal geen idee hebt waar ze vandaan komen. Je neemt ze waar. Hoe ze opkomen, hoe ze een tijdje blijven en hoe ze weer verdwijnen. Was dat nu waar je zoveel van liet afhangen? Je stemming, je gedrag, je fysieke welzijn…

Maar wacht…
Zo makkelijk is het nu ook weer niet. Doorzien hoe bazig het denken is, zorgt nog niet direct dat het zich gaat gedragen als een dienaar. Want al die gedachten zijn, hoe onprettig ook, vertrouwd en bieden je een zelfbeeld. Dat kun je niet zomaar loslaten. Want zou je dat in één keer doen, dan stond je in je poedele nakie. Doodeng. Het vraagt om eerst te doorzien wat er precies gebeurt.

Het denken doorzien

De vergissing die vaak wordt gemaakt is dat als je goed genoeg je best doet, het je gaat lukken om niet meer te denken. Het klinkt als een belofte naar vrijheid. Een belofte waar ik jarenlang heel hard mijn best van ging doen. En waarvan ik dacht dat er dan een moment in de toekomst zou komen waarin ik zonder gedachten zou zijn. Als ik maar hard genoeg oefende. Met tot tien tellen en iedere keer als mijn gedachten afdwaalde, weer opnieuw beginnend. Ik heb ook in kaarsen gestaard zonder te knipperen. En ik kreeg een persoonlijke mantra die ik eindeloos moest herhalen. Het leverde in mijn beste dagen op dat ik niet gefrustreerd raakte van mijn eigen onvermogen. De beloftevolle toekomst bleef ver uit het zicht.
Denken laat zich niet temmen. Want het is een illusie. De illusie dat er iemand is die bewust gedachten denkt. Die iemand zul je nooit vinden. Dat doorzien is het enige wat nodig is. Dan kun je nieuwsgierig worden naar de oorsprong van wat er dan wel is.

Bij nadere kennismaking blijkt dat al die gedachten zich gedragen als beschermers die zich begeven in het verleden of de toekomst. Ze beschermen oude, pijnlijke gevoelens. De angst voor afwijzing bijvoorbeeld als je ergens niet bij hoorde, of je deed iets niet goed. Of gedachten zijn druk met doelen die behaald moeten worden en verwachtingen die ingelost moeten worden. Waar het beter moet worden dan hoe het nu is.
Het denken begeeft zich nooit hier en nu. Maar jij wel. Dat opmerken is als een sleutel naar een andere mogelijkheid.

Het denken als briljante dienaar

Zodra je jezelf ervaart als de waarnemer van de gedachten, veranderen ze van kwaliteit. Je luistert naar wat gezegd wordt en doorziet hoe onschuldig dat is. Door in te zien dat er niemand is die deze gedachten denkt, maar dat het beschermende patronen zijn die niet van nu zijn. Dan worden gedachten over verleden en toekomst vanzelf rustiger en meer praktisch van aard: Wat is hier nodig om deze taak op te pakken? Welke gedachten houden me nu bezig en wat is relevant? Welke signalen geeft mijn lichaam op hoe het nu gaat? Welke reactie van mij zou helpen om de situatie te dienen? Hoe kan ik zorgen dat ik genoeg rust neem? Het zijn vragen die zich bezighouden met hoe het nu is.

Het praktische denken heeft geen doelen voor ogen. En is niet gericht op bescherming. Het is open voor wat er nu is en verhoudt zich daartoe zonder hoe het zou moeten worden, of het wel voldoet in de ogen van anderen, of dat het wel nuttig is. Het houdt zich niet bezig met wat anders, beter, meer moet… het geeft simpelweg een antwoord op wat er nu voorligt.

Hoe dat er uit kan zien:
Stel dat je tijdens een bespreking met collega’s merkt dat het niet lekker gaat. Er is veel discussie en het gesprek verzandt in herhalingen. De sfeer is gespannen.
Voor de meesten van ons leent zo’n situatie zich bij uitstek om zichzelf te gaan beschermen. Dat is waarneembaar door hoe je je terugtrekt of juist hoe je hard gaat werken om de situatie te keren: oordelen over collega’s, schaamte over je eigen gebrek aan helderheid, frustratie over hoe zo geen doelen behaald gaan worden, angst om het niet goed te doen… Het zijn zomaar wat verhaaltjes die de denkende geest aanlevert om de situatie te duiden.
Gedrag dat hieruit voortkomt zal niet veel bijdragen.
Als je dan in staat bent om al die gedachten met rust te laten, kun je in het lichaam een verhoogde hartslag, warme wangen en een gespannen houding opmerken. En je merkt op wat er gebeurt bij de anderen. Ook bij hen neem je spanning waar.
Dan helpt een praktische gedachte als: ‘wat is hier nodig om weer nader tot elkaar te komen?’ Het lichaam ontspant meteen al iets, je maakt oogcontact en zegt hardop: ‘Zullen we even op adem komen en weer helder maken waarom we hier bij elkaar zijn?’ Je zegt het zonder lading en zonder verwijt. Rustig, aanwezig en welwillend om bij te dragen om de sfeer te keren.
De kans dat alle betrokkenen de bespreking verlaten zonder een vol hoofd is enorm toegenomen.

Het vraagt tijd en zelfonderzoek om alle beschermende gedachten tot rust te laten komen en ruimte te hebben voor de praktische geest. De ervaringen die je ermee opdoet zullen aanwijsbaar prettiger zijn waardoor als er eenmaal ervaringen mee zijn opgedaan, het sneller kan gaan dan wellicht gedacht ☺.